Paul Rooyackers &
Joan ten Hoonte
Spel als methodiek voor taalontwikkeling, interactie en activering
Binnen de Grow Academy werken wij samen met trainers en experts met ervaring in onderwijs en praktijkgerichte training.
Met Paul Rooyackers en Joan ten Hoonte bieden wij opleidingen waarin spelvormen doelgericht worden ingezet voor taalontwikkeling, interactie en activering. De samenwerking combineert theater, didactiek en praktijktoepassing in één aanpak.
Deze opleidingen maken onderdeel uit van de Grow Academy 2026 en zijn gericht op professionals in onderwijs, zorg, sociaal domein en ontwikkeling.
Workshop voor de onderbouw
Praat maar mee
Spel, taal en creativiteit in groep 1 en 2
Hoe versterk je mondelinge taal op een manier die echt past bij kleuters? Hoe zorg je dat kinderen meer spreken, meer samenspelen en meer ruimte krijgen voor verbeelding? En hoe begeleid je dat als leerkracht zonder het spel over te nemen?
Onze studiedag voor de onderbouw laat zien hoe belangrijk spel is voor de ontwikkeling van mondelinge taal, sociale vaardigheden en creativiteit in groep 1 en 2. U krijgt geen losse inspiratie, maar een duidelijke pedagogische visie, praktische handvaten en direct inzetbare spelen voor de klas.
Tijdens de studiedag verbinden wij theorie en praktijk. We laten zien hoe kinderen leren door te spelen, te spreken, te maken en samen te werken. Daarbij krijgt u niet alleen nieuwe inzichten, maar ook creatieve spelen en concrete werkvormen waarmee u de volgende dag al verder kunt.
Praktisch
- Data:
- Voor beschikbare data en regiotour in het najaar 2026: scroll naar beneden.
- Duur: 6 uur
- Investering: € 535,- per deelnemer (inclusief 21% btw)
- Inclusief:
- Workshop dag (ca. 6 uur)
- Koffie, thee en lunch
- Boek Praat maar mee
- Werkmateriaal
- Certificaat van deelname
- Kennismaking met Move the Movement
- Inhoud: 6 maanden toegang tot aanvullende inspiratie, voorbeelden en materialen binnen de online omgeving van de Grow Academy
- Voor wie
- Leerkrachten van groep 1 en 2;
- Onderwijsassistenten;
- Intern begeleiders;
- Teamleiders;
- Schoolleiders die spel, taal en creativiteit steviger willen verankeren in hun onderwijs.
- Vorm
- Open inschrijving op regionale locaties in Nederland.
Wat deze workshop oplevert
Een workshop met ons biedt u:
- meer inzicht in het belang van spelend leren;
- concrete werkvormen voor mondelinge taal in groep 1 en 2;
- praktische manieren om kinderen meer te laten spreken, luisteren en samenwerken;
- inspiratie om taal, spel en creativiteit sterker te verbinden;
- het boek ‘PRAAT MAAR MEE’, zodat na afloop het direct werkt in de klaspraktijk.
Zo wordt een studiedag niet alleen een inspirerend moment, maar ook een stevige impuls voor onderwijs in de onderbouw.
Direct inschrijven.
Leesfragment uit het boek ‘PRAAT MAAR MEE’, deel 1 Kleutertaal.
Het grote belang van spelend leren
Voor kleuters is spelend leren van zeer groot belang. Spel is geen onderbreking van het leren, maar een van de krachtigste vormen waarin leren plaatsvindt. In spel komen taal, denken, bewegen, waarnemen, verbeelden en sociaal handelen samen. Kinderen leren daarin op een manier die past bij hun leeftijd: handelend, herhalend, ontdekkend en in contact met anderen.
In spel krijgt taal een echte functie. Kinderen gebruiken woorden niet alleen om antwoord te geven op een vraag van de leerkracht, maar om samen iets mogelijk te maken. Zij leggen elkaar iets uit met eenvoudige woorden, korte zinnen, aanwijzen, voordoen en gebaren. Ze zeggen bijvoorbeeld: “Jij de dokter”, “Kijk, zo moet het”, “Nee, eerst betalen” of “Hier, deze is voor jou.” Zulke uitingen lijken eenvoudig, maar zijn van grote waarde. Kinderen leren ermee hoe je informatie overbrengt, hoe je samen afstemt en hoe je met taal en handelen betekenis opbouwt.
Spel heeft bovendien een bijzondere sociale kracht. In de kring of in een klassikaal gesprek zijn sommige kinderen nog stil, afwachtend of verlegen. In spel ontstaat contact vaak minder direct en daardoor veiliger. De aandacht ligt niet alleen op het kind zelf, maar op de gezamenlijke activiteit, de rol of het materiaal. Juist daardoor maken stille of verlegen kinderen vaak onbewust meer contact met klasgenootjes.
Spel kan zo een natuurlijke brug vormen naar taal, samenspel en sociale deelname. Daarom is het belangrijk dat de leerkracht spel niet te snel overneemt of dichtstuurt. Kinderen moeten ruimte krijgen om zelf te proberen, te herhalen, te mislukken, opnieuw te beginnen en samen nieuwe regels of betekenissen te bedenken. Juist in die openheid ontstaan vaak de rijkste leermomenten.
Twee uitgewerkte spelen uit het boek ‘PRAAT MAAR MEE’
1. DE DOKTER
- Voor:
- iedereen vanaf 4 jaar
- Duur:
- 5-10 minuten
- Materiaal:
- woordkaarten met begrippen van de dokter/ziekenhuis, een verpleegstersjas, stethoscoop, spuitje. Tafel met attributen van de dokter
- Ruimte:
- eigen lokaal
- Kernwaarde/doel:
- 2. Uitleggen klacht/recept.
- 3. Vragen/onderzoeken
- 12. Medische woordenschat.
Ieder kind wordt groot met het spelen van de dokter en de patiënt, net zoals het spelen van een winkelbediende, en vergelijkbare thema’s. De leerkracht heeft van tevoren woordkaarten/afbeeldingen gemaakt, begrippen als het infuus, de stethoscoop, de pleister, het verband, de wachtkamer, de operatie etc. Op internet zijn ook kant en klare kaarten te bestellen, maar het is leuker als de kinderen kunnen ontdekken dat de kaarten door de leerkracht of een onderwijsassistent zelf gemaakt zijn. Deze kaarten, met afbeeldingen erop, worden getoond en de woorden worden uitgesproken en geoefend. De materialen die hierboven genoemd worden een verpleegstersjas, stethoscoop, spuitje, zijn vaak in het bezit van kinderen zelf, vraag ernaar.
Met objecten erbij en een jas wordt het spel natuurlijk veel leuker. Is er onder de ouders iemand die in de verpleging zit? Zulke mensen kunnen zorgen voor kleding etc.
Voor in de klas is een tafeltje neergezet, met twee stoelen, eentje voor de dokter en eentje voor de patiënt. Nog leuker is het als in de speelzaal een zgn. wachtruimte nagebouwd wordt met stoelen of een bankje. En een praktijkruimte met een behandeltafel en verschillende materialen als gaas, verband, pleisters etc.
1. De begeleider/onderwijsassistent kan zelf de dokter spelen, totdat iedereen het spel kan volgen en begrijpen. De ‘dokter’ gebruikt zoveel mogelijk de vaktaal die een dokter bezigt.
2. ‘Wat is de klacht’? De eerste patiënt met ‘vader’ of ‘moeder’ komt binnen en wordt ondervraagd wat de symptomen zijn.
3. Hij moet ook onderzocht worden; inademen, uitademen etc.
4. Een recept wordt uitgeschreven door de dokter, met eventueel adviezen.
5. Een terugkomdatum wordt afgesproken.
6. Na enkele oefeningen kan de dokter door een van de kinderen gespeeld worden. Zorg ervoor dat de patiënt zoveel mogelijk vertelt over wat er aan de hand is.
7. Misschien is er onder de ouders een verpleger/ster die een ochtend mee wil komen spelen, dat maakt indruk. De kinderen oefenen op deze manier hun gedrag, en hun vragen en opmerkingen tijdens dit spel. Hoe bevalt het bij de dokter, is er nog angst of meer vertrouwen bij de kinderen? Kennis zorgt voor vertrouwen, evenals spel.
Kerndoel 3: Deelnemen aan gesprekken en reageren op anderen.
2. DE POPPENKAST
- Voor:
- iedereen vanaf 4 jaar
- Duur:
- 5-10 minuten
- Materiaal:
- poppenkast
- Ruimte:
- eigen lokaal
- Kernwaarde/doel:
- kerndoel 2
Wie kent niet De Poppenkast, met Jan Klaassen en Katrijn? Een tweetal dat continu ergens onenigheid over heeft wat dan tot een ruzie leidt, met veel lawaai en klappen. In zo’n kast zijn de dialogen kort, en het verhaal leidt altijd naar een climax, een oplossing of niet.

De twee afbeeldingen laten zien dat het om een model gaat van 50 bij 100 cm. Het rechtermodel bestaat uit karton en is op schaal makkelijk na te maken. Een handige ouder kan je vast daarmee helpen.
- Ieder kind wil graag in de kast kruipen, want als je niet te zien bent durfje meer.
- Als je in de klas een onderwijsassistent hebt of een stagiair kun je een voorbeeld geven van een gesprek tussen twee poppen.
Op internet vind je veel verhalen. Hier een voorbeeldverhaal:
Bang voor een spin
Katrijn is bang voor spinnen.
Kijk… ze loopt over straat en er is niets aan de hand.
Maar kijk nog eens goed. Wie zit daar achter die struik?
Jawel… het is Jan Klaassen met zijn maat.
Jan Klaassen is altijd in voor een grap.
Hij heeft een lange stok.
Vanachter een lopende boom kan hij precies de spin op de juiste plek laten zakken.
Katrijn, die niets vermoedend over straat loopt, schrikt zich een hoedje wanneer ze de spin voor haar neus ziet. Ze valt op de grond met haar benen recht omhoog in de lucht.
Gelukkig komt Jan Klaassen snel achter de bosjes vandaan en helpt Katrijn omhoog.
- Bovenstaand verhaal is gemakkelijk na te spelen. Hang de tekst (i.e. een hulptekst voor de begeleider) achter op de kast, regel twee poppen en de voorstelling kan beginnen.
-
De leerkracht kan een aantal thema’s opzoeken waarover het poppenspel kan gaan. Ieder kind wil graag een handpop vasthouden en ermee bewegen terwijl de begeleider het verhaal vertelt.
-
Dezelfde oefening, maar nu met dezelfde dialoog die door het kind en de begeleider zelf nagespeeld kan worden.
-
Er is altijd een thema, de start van de dialoog, een conflict en de oplossing. De begeleider kan dit schema in gedachten houden als er een dialoog wordt gestart.
-
Voor kleuters is het nog moeilijk om zelf een dialoog te verzinnen. Daarom kunnen bestaande dialogen worden gebruikt, vereenvoudigd en geoefend.
-
Veel kinderen hebben thuis zelf andere poppen dan de twee standaardpoppen Katrijn en J.K. Gebruik die poppen, want aan het uiterlijk en de naam die het kind eraan heeft gegeven, is vaak al een verhaal verbonden.
-
Er zijn ook poppen in de handel die het spelen van een beroep mogelijk maken.
-
Met zes poppen zijn al gemakkelijk honderden verhalen te bedenken of te zoeken op internet. De verpleegster speelt een verhaal met de agent, de bakker van pizza’s speelt een verhaal met de piloot, de dokter met de brandweerman etc. Iedere week een klein verhaal laten spelen zorgt voor veel plezier en oefening voor de kinderen.
In het kort nog twee spelen:
3. Winkeltje spelen
De huishoek of bouwhoek wordt ingericht als winkel, met verpakkingen, bonnetjes, een kassa en prijskaartjes. Kinderen oefenen met vragen stellen, antwoorden geven, iets vragen, iets aanbieden en op elkaar reageren.
Wat kinderen oefenen:
- vragen stellen en beantwoorden;
- rollen verdelen;
- korte gesprekjes voeren;
- eenvoudige regels afspreken.
Kerndoel 2: Leerlingen leren zich mondeling uit te drukken in verschillende situaties.
4. Raad eens wat ik heb gemaakt
Een kind laat een tekening, bouwwerk of knutselwerk zien en vertelt er iets over. Andere kinderen mogen vragen stellen of raden wat het voorstelt.
Wat kinderen oefenen:
- iets laten zien en toelichten;
- luisteren naar elkaar;
- reageren op wat een ander vertelt;
- woorden geven aan eigen ervaringen en ideeën.
Kerndoel 1 en 2: Luisteren naar mondelinge informatie en jezelf mondeling uitdrukken.
Voor wie?
Deze studiedag is geschikt voor:
- leerkrachten van groep 1 en 2;
- onderwijsassistenten;
- intern begeleiders;
- teamleiders;
- schoolleiders die spel, taal en creativiteit steviger willen verankeren in hun onderwijs.
Direct inschrijven.
Over de experts
Paul Rooyackers & Joan ten Hoonte
Paul Rooyackers, theatermaker en auteur, en Joan ten Hoonte, onderwijskundige en ontwikkelingspsycholoog, vormen samen een krachtig duo van praktijk en theorie. Waar Paul groepen in beweging zet met spel, zorgt Joan voor de pedagogische verdieping en onderbouwing. Samen creëren zij een aanpak waarin interactie ontstaat, ontwikkeling wordt gestimuleerd en leren tot leven komt.
Inclusief
- Werkmateriaal
- Digitale naslag
- Certificaat van deelname
Schrijf u in voor een van de beschikbare opleidingsdagen
Wilt u ervaren hoe spel, taal en creativiteit elkaar versterken in groep 1 en 2?
Tijdens deze opleiding staan praktische werkvormen centraal die direct toepasbaar zijn binnen onderwijs, begeleiding en ontwikkeling. U krijgt inspirerende en praktische impuls, direct verbonden aan de dagelijkse praktijk van de onderbouw.
Bij de workshop ontvangt u het boekje, zodat de opgedane inzichten, spelen en werkvormen ook na de dag beschikbaar.
Direct inschrijven.
Data en geplande regio’s najaar
Schooljaar 2026–2027
SEPTEMBER
Woensdag 2 september | Midden-Limburg
Vrijdag 11 september | Midden-Nederland
Vrijdag 25 september | West-Nederland
OKTOBER
Woensdag 7 oktober | Noordoost-Nederland
Woensdag 21 oktober | Zuidwest-Nederland
Vrijdag 30 oktober | Midden-Limburg
NOVEMBER
Vrijdag 6 november | Midden-Nederland
Vrijdag 13 november | West-Nederland
Vrijdag 27 november | Noordoost-Nederland
Definitieve locaties worden vastgesteld op basis van belangstelling en aanmeldingen binnen de betreffende regio.
Regio-indeling:
- West-Nederland (omgeving Amsterdam / Den Haag)
- Midden-Nederland (omgeving Utrecht)
- Zuidwest-Nederland (omgeving Breda / Zeeland)
- Midden-Limburg (omgeving Roermond)
- Noordoost-Nederland (omgeving Zwolle / Groningen)
Inschrijven
Schrijf je snel in. Er zijn beperkte plaatsen per regio.
Grow Academy
De Grow Academy biedt praktijkgerichte opleidingen voor professionals in onderwijs, zorg en het sociaal domein.



